Angst is een stille motor die in ons leven vaak meer bepaalt dan we ons realiseren. Ze verstopt zich in gedrag dat aan de buitenkant bewonderd kan worden: perfectionisme, altijd klaarstaan voor anderen, nooit ‘nee’ zeggen. Maar onder die keurige buitenlaag schuilt vaak een diepere drijfveer: angst om fouten te maken, angst om niet goed genoeg te zijn, en misschien wel het meest fundamenteel – angst om afgewezen te worden.

Die angst zet het zenuwstelsel onder druk. Als dat maar lang genoeg duurt dan is het alsof er voortdurend een alarmsysteem aanstaat, klaar om elk signaal van gevaar uit te vergroten. Voor het brein is die druk brandstof: het kan leiden tot spanning, slapeloosheid en uiteindelijk ook tot chronische (pijn)klachten. Niet omdat er lichamelijke schade is, maar omdat het zenuwstelsel te scherp staat afgesteld, continu bezig om dreiging te voorspellen en af te weren. In de blog over centrale sensitisatie wordt uitgelegd hoe dat werkt.

Hoe herken je angst vermomd in gedrag?

  • Perfectionisme: je zegt tegen jezelf dat het beter moet, dat er altijd nog een fout in kan zitten. Voor buitenstaanders lijkt het gedrevenheid, maar vanbinnen voel je de constante druk om geen steek te laten vallen, want anders…
  • Pleasegedrag: je stemt in met dingen waar je eigenlijk geen energie voor hebt, bang dat je anders iemand teleurstelt of dat de ander afstand neemt.
  • Altijd sterk willen zijn: je slikt je tranen in, zegt dat het ‘wel gaat’ terwijl je vanbinnen overloopt. De angst hier? Dat kwetsbaarheid gezien wordt als zwakte.

Stel je iemand voor die op het werk altijd het perfecte verslag wil inleveren. Ze leest het vijf keer na, ook al kost het haar avonden en nachtrust. Als je zou vragen waarom, zegt ze waarschijnlijk: ‘ik wil het gewoon goed doen’. Maar daaronder klinkt vaak iets anders: ‘wat als ze zien dat ik niet goed genoeg ben?’.

Moed vraagt dat je voelt wat er is

Moed is geen afwezigheid van angst, maar het vermogen om die angst in de ogen te kijken en tóch te bewegen. Moed vraagt dat je voelt wat er is, ook als dat ongemakkelijk is. Dat je durft te zeggen wat je werkelijk denkt of nodig hebt, zelfs met het risico dat een ander het niet waardeert. Dat je je eigen kwetsbaarheid niet langer verstopt, maar haar juist toelaat in je leven.

Moed is niet de afwezigheid van angst, maar bewegen terwijl de angst nog naast je staat.

  • Moed is als je in een vergadering zegt:‘ik weet het antwoord niet’ – en je toch overeind blijft.
  • Moed is als je tegen een goede vriend zegt:‘nee, dit gaat me nu te ver’ – ook al voel je je hartslag omhoogschieten.
  • Moed is als je je tranen laat stromen bij iemand die je vertrouwt– en ontdekt dat de wereld niet instort.
  • Moed is als je toegeeft dat je het niet alleen redten een hand uitsteekt om om hulp te vragen.
  • Moed is als je voor het eerst je eigen tempo kiest,ook al betekent dat dat je iemand teleurstelt.

Het zijn dit soort momenten – kwetsbaar, menselijk en echt – die het zenuwstelsel leren dat het veilig is om jezelf te zijn. Hierdoor kan het kalmeren. Als je kunt voelen wat je werkelijk voelt en dat toestaat er te zijn, hoeft je brein geen rookgordijnen van spanning of pijn meer op te trekken. Als je je uitspreekt, hoeft je lichaam niet langer signalen te geven om gehoord te worden. Als je jouw echte zelf laat zien, komt er ruimte om te ademen – letterlijk en figuurlijk.

Angst en moed samen met je mee

Je hoeft angst niet weg te duwen of te bestrijden. Ze hoort bij ons mens-zijn. Maar je kunt leren om ernaast moed te zetten.

  • In plaats van eindeloos proberen te voldoen aan verwachtingen, kun je oefenen met stilstaan bij wat je zelf voelt en wilt.
  • In plaats van harder je best te doen, kun je stap voor stap kiezen voor eerlijkheid en zachtheid.
  • In plaats van spanning te verbergen, kun je leren dat je die spanning mag laten bestaan zonder dat hij je hoeft te beheersen.

En elke keer dat je dat doet, gebeurt er iets in je zenuwstelsel. De spanning zakt, er komt rust, er komt vertrouwen. Moed wordt zo een nieuwe brandstof – niet die van angst en druk, maar die van kracht en verbinding.

En dat zet de rem op je (pijn)klachten.