Je hebt jezelf de hele week staande weten te houden. Je hebt gewerkt, gezorgd, afspraken afgezegd waar nodig, toch nog boodschappen gedaan, je klachten weggeduwd omdat het moest en ergens in je hoofd zat steeds die gedachte: straks even rust. En dan is het zover. Je gaat op de bank zitten, de druk valt weg en er hoeft even niets. Maar dan begint het circus: je lichaam begint zich te roeren. Je pijn wordt heviger, je hartslag klopt in je keel, je hoofd wordt zwaar, je buik rommelt, je spieren voelen onrustig, je wordt duizelig, misselijk of intens moe. Je slechter voelen als je rust neemt: hoe kan dat?

Als je aanhoudende klachten hebt is het helaas herkenbaar dat rust nemen vaak helemaal geen rust geeft. Je lichaam lijkt juist harder aan de bel te trekken. Dat is hartstikke lastig. Je doet eindelijk wat iedereen adviseert: rust nemen, luisteren naar je lichaam, minder over je grenzen gaan. En dan voelt het alsof je lichaam daar geen raad mee weet. Maar er zit logica achter.

 

Je lichaam is nog aan het afschakelen

Afschakelen is voor een lichaam dat last heeft van aanhoudende klachten een stevige klus. Als je lichaam lange tijd onder druk heeft gestaan, schakelt het meestal niet meteen naar rust zodra je stopt met bewegen, werken of zorgen. Je zenuwstelsel kan nog in de stand staan waarin het aan het scannen is: is er gevaar, komt er nog iets, moet ik alert blijven? Dat gebeurt grotendeels buiten je bewuste controle om. Je kunt op de bank zitten met een deken over je heen, terwijl je systeem intern nog bezig is met beveiligen. Je hoofd weet: ik ben thuis, ik kan rust nemen. Maar je zenuwstelsel registreert vooral dat de druk wegvalt. Daardoor kan er ruimte komen voor signalen die je eerder wegdrukte. Maar ook kan het zijn dat je systeem juist extra alert is geworden op de overgang naar rust.

Daar komt bij dat stresschemie echt niet op commando verdwijnt. Adrenaline en cortisol zakken niet omdat jij gaat liggen. Spierspanning lost niet meteen op zodra de agenda leeg is. Een ademhaling die dagenlang hoog zat, vindt niet vanzelf een rustig ritme. Daardoor kan rust nemen onprettig voelen. Alsof alles wat strak gehouden werd ineens begint te trillen. Ontspanning kan voelbaar worden als onrust, trilling, moeheid, emotie of pijn. Rust nemen kan daardoor aanvoelen als verslechtering, terwijl je systeem bezig is met terugschakelen.

 

Rust kan beladen zijn

Rust klinkt vriendelijk, maar voor je zenuwstelsel kan rust een andere betekenis hebben, vooral na een periode met pijn, ziekte, uitputting, stress of onzekerheid.

Als klachten eerder sterker werden na inspanning, kan rust beladen raken. Je systeem herkent het patroon: eerst doorgaan, daarna instorten. Daardoor kunnen de bank, het bed, de zondagmiddag of de eerste vakantiedag al een voorspeller worden van klachten. Dat gebeurt buiten je bewuste denken om. Je hebt geen angstige gedachte nodig om toch een lichamelijke reactie te krijgen. Het zenuwstelsel werkt op basis van eerdere ervaringen, legt verbanden en probeert je vóór te zijn.

Voor mensen met long covid, ME/CVS, fibromyalgie, migraine, POTS-achtige klachten of chronische pijn kan dit extra sterk spelen. Er is dan al ervaring met terugslag, PEM, crashes of dagen waarin het lichaam ineens veel minder aankan. De bank kan gaan voelen als het voorportaal van achteruitgang of ‘de klap’.

Predictive Processing (ook wel Predictive Coding genaamd) is hierbij een belangrijk begrip. Je brein verwerkt lichaamssignalen niet als losse meetgegevens. Het voorspelt voortdurend wat waarschijnlijk gaat gebeuren, op basis van eerdere ervaringen. Als eerdere rustmomenten gekoppeld raakten aan pijn, uitputting of paniek, kan je systeem die verwachting meenemen naar het volgende rustmoment. Zo kan rust een seintje worden: nu komt de rekening.

 

Stilte maakt lichaamssignalen sterker

Het is gebruikelijk dat je bij aanhoudende klachten je lichaam nauwkeuriger gaat volgen. Je merkt sneller of je hartslag hoog is, je adem stokt, je benen zwaar zijn of je hoofd helder blijft. Die focus is logisch als je lichaam lange tijd onvoorspelbaar heeft gereageerd. Overdag is er ruis en dus afleiding. Je reageert op berichten, denkt na over eten, voert een gesprek, kleedt jezelf aan, gaat naar buiten, komt weer thuis en gaat nog even door. Al die activiteit geeft je aandacht de mogelijkheid om zich op iets te richten.

Maar zodra het stil wordt, komt je binnenwereld dichterbij. Je gaat weer meer voelen. Een tinteling, druk op je borst, spanning in je keel of onrust in je buik krijgt meer aandacht. Je systeem gaat ermee aan het werk en slaat aan het controleren: wat betekent dit, moet ik opletten, moet ik iets doen? Je ligt op de bank, terwijl je zenuwstelsel vanbinnen aan het meten is in hoeverre het je moet beschermen. Dat meten kan spanning toevoegen aan wat je al voelt. En zo verandert rust van ‘even niets’ in een vergrootglas.

 

Rust opnieuw ervaren

Binnen de mindbody benadering draait herstel voor een belangrijk deel om het opdoen van nieuwe ervaringen van veiligheid. Het gaat om het opnieuw leren herkennen van signalen in je lichaam, met minder dreiging eromheen. Je slechter voelen wanneer je rust neemt kan daarmee een belangrijke ingang zijn. Het laat niet alleen zien dat rust voor je systeem een beladen ervaring is geworden, het betekent ook dat rust een andere betekenis kan en mag krijgen.

Begin klein. Kies een rustmoment waarop je niet meteen hoeft te beoordelen of het goed gaat. Ga maar zitten of liggen en laat je aandacht eerst naar de omgeving gaan: de kamer, het licht, een geluid, iets gewoons in je blikveld. Daarna kun je merken waar je lichaam contact maakt met de stoel, de bank of het matras. Op die manier geef je je systeem informatie over het huidige moment: ik ben hier, dit is nu.

Als er klachten opkomen, probeer ze dan niet meteen te controleren of weg te werken. Merk op wat er gebeurt, zonder er een conclusie van te maken. Een hogere hartslag, druk op je borst, onrust in je buik of zware benen hoeft niet direct te betekenen dat je achteruitgaat. Het kan ook betekenen dat je systeem de overgang naar rust nog spannend vindt. Laat dat er maar zijn, toon begrip naar je zenuwstelsel en geef het de tijd. Op die manier kan een nieuwe ervaring ontstaan rondom rust.

 

Je zenuwstelsel kan nieuwe verbanden leggen

Het verwarrende aan chronische klachten is dat het lichaam heel echt kan reageren op situaties die op zichzelf veilig zijn. Rust, een wandeling, eten, zonlicht, een gesprek, inspanning, stilte. Het zenuwstelsel kan aan al die ervaringen een betekenis hebben gekoppeld. Dat systeem is gelukkig leerbaar en kan altijd leren nieuwe verbanden te leggen.

Rust kan weer rust worden en stilte kan weer gewoon stilte worden. Een bank kan ook weer een fijne plek worden waar je zit, leest, bijkomt of even niets hoeft. Dat ontstaat via herhaalde ervaringen waarin je lichaam merkt dat er een andere afloop mogelijk is. Eerst klein. Een paar minuten rust met iets minder controle. Momenten waarop je voelt: hm, dit is ongemakkelijk en ik hoef er nu geen alarm van te maken. Zo wordt rust langzaam minder beladen.