Zou je dat nou wel doen?
Doe toch rustig aan!
Partners, ouders, kinderen, vrienden, ze zeggen het uit liefde. Goed bedoelde adviezen, vol betrokkenheid en voor veel mensen met chronische (pijn)klachten heel herkenbaar. Maar voor wie zich midden in een proces van herstel bevindt – bijvoorbeeld vanuit het inzicht in het mindbody syndroom – kunnen deze woorden averechts werken. En dat is ingewikkeld. Want niemand doet iets fout en toch wringt het.

 

Waarom goedbedoelde zorg spanning kan geven

Als je brein lange tijd pijn heeft geproduceerd terwijl er geen sprake is van weefselschade, blijft het vaak op scherp staan. Ieder brein scant de hele dag door, op zoek naar gevaar. Maar een brein dat op scherp staat, pikt de kleinste signaaltjes op – signaaltjes die een ‘gezond brein’ aan zich voorbij laat gaan.

Juist in het proces van herstel – waarin iemand leert dat pijn of vermoeidheid niet per se betekent dat er schade is – zijn veiligheid en vertrouwen cruciaal. En precies dáár kan iets schuren. Zinnen als ‘je doet te veel’ of ‘ga nou niet over je grenzen’ worden door dat alerte brein geïnterpreteerd als waarschuwing: er dreigt gevaar. En bij gevaar maakt zo’n brein maakt pijn of andere klachten.

Waarschuwingen houden het dus alarmsysteem actief. En daarmee de (pijn)klachten.

 

Liefde in een lastige vorm

Wie aan de zijlijn staat van een partner of kind met chronische klachten, weet hoe machteloos dat kan voelen. Je ziet iemand worstelen, keer op keer worden plannen aangepast. Je weet alles van opstaan met hoop en toch weer terugvallen. Het is logisch dat je beschermend wordt. Naar je partner of kind of ouder, maar ook naar jezelf. De beperkingen die de chronische (pijn)patient heeft, heb jij ook. Of je leeft ‘eromheen’ en dat is ook hartstikke lastig. Dus je probeert te voorkomen dat het erger wordt.

En dan is het logisch dat je denkt: waarom luister je niet gewoon naar je lichaam?

Maar wat als het lichaam geen schade meldt, maar angst?
Wat als de pijn niet betekent: je doet te veel,
maar: je brein denkt dat je in gevaar bent?

In dat geval verandert de rol van de naaste. Dan vraagt het herstelproces om een andere vorm van steun.

 

Van beschermen naar vertrouwen

Mensen die bezig zijn met herstel vanuit de mindbody visie nemen vaak stap voor stap weer regie over hun lichaam. Ze onderzoeken of wat ze voelen echt betekent wat ze altijd dachten dat het betekende. Ze zetten voorzichtige stappen, juist door hun lichaam niet altijd te volgen, maar door het brein nieuwe informatie te geven: ik ben veilig, dit kan ik aan.

Als naaste kun je daarin veel betekenen. Niet door te waarschuwen, maar door mee te bewegen. Door de ander in de lead te laten. En door erop te vertrouwen dat diegene zelf voelt wanneer hij of zij even moet stoppen – of juist doorzetten. En dat je dan niet zegt ‘ik dacht het wel’, maar de ander de ruimte geeft om echt te gaan voelen. Ook dat gaat met vallen en opstaan.

Dat betekent niet dat je het nooit meer moeilijk mag vinden. Of dat je geen teleurstelling meer voelt als plannen wéér niet doorgaan. Het betekent alleen dat je soms even het ongemak laat bestaan, zonder het meteen te willen benoemen. Zodat de ander de ruimte houdt om zelf te kiezen, te proberen en te leren.

 

Als je écht wil helpen bij (pijn)klachten

  • Luister zonder advies: soms is ‘wat rot voor je’ het beste wat je kunt zeggen;
  • Vraag wat iemand nodig heeft in plaats van het in te vullen;
  • Heb geduld en vertrouwen in het proces van de ander;
  • Ga eens mee naar gesprekken met de mindbody coach;
  • Kijk samen naar wat wél lukt: vandaag, deze week, dit uur;
  • Sta open voor het onbekende: het mindbody-gedachtegoed kan soms gek overkomen. Lees erover en steun vanuit die visie, ook al heb je twijfels;
  • Wees nieuwsgierig: hoe meer de ander kan vertellen over wat hij of zij doet, weet of van plan is in het herstelproces, hoe meer zijn/haar brein ook overtuigd raakt van de mogelijkheid van herstel.

 

Tot slot

Je hoeft het niet perfect te doen. Je mag je frustraties hebben. Je mag soms te beschermend zijn. Maar als je merkt dat je dierbare bezig is met een proces waarin veiligheid en regie belangrijk zijn, vraag dan eens: wat helpt jou het meest op dit moment?

En misschien vraagt die ander dan: wil je me alsjeblieft niet meer waarschuwen?
Niet omdat je niets mag zeggen. Maar omdat die paar woorden, hoe goed bedoeld ook, het systeem weer in alarmstand kunnen zetten. En de klachten kunnen doen toenemen.
En juist dat is wat we niet willen.